Twente Insite

FC Twente Nieuws

Column: Nostalgie

Column: Nostalgie

Nu de zwartste bladzijde uit de geschiedenis van de club achter ons ligt, merk ik hoe diep zo’n club in je vezels kan gaan zitten. In mijn Spotify playlist staan steevast FC Twente klassiekers als “Heya de Keu “, “FC Twente Ay,ay,ay” en het originele “Sjaal, Das en Toeter” van LP “10 jaar FC Twente”.

Het deed me denken aan dat oude Diekman stadion en onbewust drong de stem van Marga Bult in mijn hersenen door: “Vaarwel stadion Diekman, Vaarwel groot stuk beton…”. Het bracht me bij onderstaand filmpje.

Het filmpje bleek een mooie flashback naar wat men bij Studio Sport nog wel eens betitelde als “Een van de lelijkste stadions van Nederland”. Lelijk? Een volmondig Ja! Maar het was voor mij wel de betonnen kolos waar ik mijn eerste betaald voetbal wedstrijden zag. Als 12-jarige, stiekem rokend, op de fiets van Haaksbergen naar Enschede. Een tocht waar we met gemak 2,5 uur over deden. Vaak fietsten we nog even door naar het station van Enschede, dat toen nog geen Enschede CS heette, want het Station Drienerlo of zoals het nu heet: “Enschede Kennispark”, bestond toen nog niet. Het altijd spectaculaire schouwspel van de aankomst van de supporters van de tegenstander, gaf doorgaans een flinke adrenaline rush. Alleen al kijken naar het gajes uit Rotterdam of Utrecht, dat werd afgevoerd in aftandse paars of geel gekleurde TET bussen, niet zelden vergezeld van een lading stenen of andere gegooide objecten uit de richting van de V&D of de Kuipersdijk.

staantribune-diekman-stadionIk herinner me nog die keer dat we besloten het tafereel wel eens van dicht(er)bij te bekijken. We liepen via de brede zijtrappen van het station het perron op om toch maar eens goed te kunnen bekijken hoe die Dokwerkers van Feijenoord eruit zagen. Voor we het wisten werden we meegezogen in de meute en door het kleine trapje aan de voorkant van het station, richting bussen gedirigeerd. Nog regelmatig denk ik er aan terug, hoe blij ik was dat ik vlak voor de ingang van de bus er tussenuit piepte en het op een lopen zetten. Tot op de dag van vandaag ben ik er van overtuigd dat er pas in Rotterdam de mogelijkheid zou zijn geweest om me los te maken van de uitsupporters. Terwijl de bussen richting Het Diekman werden gestuurd, fietsten wij over de Perikweg richting J.J. van Deinselaan om daar bij de container van Vak P de fietsen te stallen.

De seizoenkaarten van FC Twente bestonden destijds uit een gelamineerd stuk papier, met aan de randen van de korte zijde hokjes met nummers. De nummers correspondeerden met het nummer van de speelronde. De suppoost stond nog met een ouderwets kniptangetje aan de poort om het desbetreffende nummer er uit te knippen. Er werd in die tijd ook gewoon rekening gehouden met oefen en zélfs Europese wedstrijden. De nummerreeks liep tot 34 wedstrijden… thuis welteverstaan. Ik denk dat menigeen, net als ik, deze kaarten soms vervloekten wanneer de uitgeknipte punten weer eens in je bovenbeen staken wanneer je de kaart in je broekzak probeerde te wurmen.

Dick SchneiderHet oude stadion, met zijn karakteristieke kaartverkoop hokjes en de fantastische ”floodlights”, die toen nog gewoon lichtmasten heetten. De “ere tribune” die te herkennen was aan de bruine stoeltjes en een stukje prikkeldraad van slechts 30 cm hoogte, dat moest verhinderen dat bobo’s tweewekelijks een pitch invasion zouden houden. Die ere tribune, die je op kwam door een veel te grote schuifdeur vergelijkbaar met die van een boeren loods. Het werd gaandeweg “mijn” stadion. Met zijn allen opeengepakt in Vak P waar je bij een doelpunt massaal de hekken in rende, wetend dat je snel moest klimmen omdat je anders geplet kon worden door de 500 andere aanstormende “hekkenhangers”.

Wat de tegenstander was tijdens de ,voor mij, meest memorabele viering van een doelpunt weet ik niet meer, maar de actie van de man achter mij vergeet ik nooit meer. Twente scoorde en de eerste 6 a 7 rijen renden als gebruikelijk naar voren. De snelsten klommen in de hekken, waarvan je steeds verwachtte dat er een stuk van zou breken. Dat deed het overigens nooit. Een matras van ledematen ontspon zich voor me en voor ik het wist had de volwassen man, breed geschouderd en ik schat een jaar of 35 á 40, me bij mijn spijkerjas opgepakt en slingerde me met een welgemikte worp óp de tegen de hekken gedrukte supporters. Als in een Snake pit van een toonaangevende rockband werd ik overeind geholpen en keek ik grijnzend van oor tot oor achterom naar de man die me even tevoren een meter of 2,5 door de lucht had gegooid.

Een veldbestorming tegen Cambuur en de kanonskogel van Edwin Vurens tegen Bayern München blijven me altijd bij, net als het behalen van Europees Voetbal, waar ik bij de bordes scène nét naast het matchworn shirt van John Bosman greep. Stiekem hoop ik dat good-old Theo ten Caat, mijn sjaal nog heeft die ik hem, in een opwelling, omhing tijdens een pitch invasion. De zwarte sjaal met de simpele tekst “Supporter FC Twente” vond ik zó mooi, dat ik hem snel weer kocht en nog steeds bezit.

De beelden in de film geven me kippenvel en doen me terugverlangen naar de stem van de stadionspeaker: “UAP Verzekeringen – Stokkentree, 0-1” en “Hartman Tuinmeubelen – Wellinga Kantoorpartners 3-1”. Ook de man met het verlotingsbord, die steevast aanstekers en mandarijnen moest koppen, blijft me bij. Zou die man gevarengeld hebben bedongen bij zijn aanstelling?

De lelijke sintelbaan, Vak U naast het uitvak, de stinkende stenen pisbakken achter vak Q en de grote groene cijfers op het scorebord die op zondag 20 november 1994 in de wedstrijd tegen het grote Feijenoord van huidige eredivisie trainers Fräser, Bosz en van Bronckhorst, 5-1 aangaven hebben het FC Twente virus bij velen aangewakkerd. De nieuwe generatie zal in het Arke Stadion en nu in de Grolsch Veste, soortgelijke herinneringen op doen.

Dat rode Twentse bloed blijft door die nieuwe aderen stromen. Ik vind het dan ook een geweldige actie van Twente Insite, die de 100 kaarten die zij van hoofdsponsor Pure Energie mogen verloten, louter te gebruiken om de nieuwe lichting jonge supporters bij FC Twente te betrekken. De clubcultuur met de paplepel ingieten en bewaken is de énige gedegen manier om ervoor te zorgen, dat wat er ook gebeurt, deze club nooit kapot gaat.

LinksBek

We zijn benieuwd naar jouw mening