"Ik ga niet de klootzak uithangen": Zó ziet Verschueren zijn rol bij FC Twente
Arno Verschueren maakte een jaar geleden de overstap van Sparta Rotterdam naar FC Twente. De 28-jarige middenvelder wist sindsdien niet echt indruk te maken en had moeite om een basisplaats te veroveren. Inmiddels heeft trainer Van den Brom een duidelijke rol voor hem gevonden: als invaller die op vrijwel elke plek uit de voeten kan.
Zo werd Verschueren al eens ingezet als rechtsback, toen Bart van Rooij tegen Feyenoord geblesseerd uitviel. Dit seizoen kwam hij tot nu toe in twintig officiële wedstrijden in actie voor FC Twente, waarin hij één keer scoorde en één assist gaf. Hij krijgt lof voor zijn fanatisme en het feit dat hij niet klaagt over de beperkte speeltijd.
"Dat is een mooi compliment, maar tegelijkertijd is het ook geen compliment als je hoort dat je een goede invaller bent", vertelt hij in gesprek met Leon ten Voorde van Tubantia. "Dan doe je iets niet goed. Ik ben niet iemand die de klootzak gaat uithangen of er met de pet naar gaat gooien. Dat zit niet in mijn karakter. Soms is dat een voordeel, soms een nadeel. Of ik te dienstbaar ben? Misschien is dat zo, ja. Maar als dit je rol is, probeer je het beste voor het team te doen. Of het nu vijf minuten, twee minuten, een half uur of negentig minuten is: dat maakt niet uit. Ik zal altijd honderd procent geven."
Hoe kijkt hij naar zijn tijd bij FC Twente tot nu toe? "Van beide kanten hadden we er meer van verwacht", vervolgt Verschueren. "Het is moeilijk. Je wilt wedstrijden spelen en belangrijk zijn. Daarvoor ben je voetballer geworden en heb ik de stap van Sparta naar Twente gemaakt. Deze situatie heb ik niet eerder meegemaakt, want tot aan Twente heb ik altijd alles gespeeld. Ik word zeker wel eens boos, maar niet op de trainer omdat hij me niet opstelt."
"Misschien wil ik wel te graag. Ik kwam in januari en dat is een lastige periode om ergens te beginnen. Het team stond al en als je dan als invaller in het veld komt, wil je jezelf bewijzen. Maar dat is niet altijd even makkelijk, omdat je je vaak moet schikken. Soms moet je een bal wegschieten en er dan zelf achteraan rennen, omdat een wedstrijd dat op dat moment van je vraagt. Ik kwam moeilijk in het ritme en als ik niet goed was ingevallen, deed dat toch wat met mijn zelfvertrouwen. Ik denk dat ik dat gevoel heb meegenomen naar het nieuwe seizoen", besluit de Belg.
Plaats reactie
0 reacties
Je bekijkt nu de reacties waarvoor je een notificatie hebt ontvangen, wil je alle reacties bij dit artikel zien, klik dan op onderstaande knop.
Bekijk alle reacties